Na een hevige eindstrijd waarbij Cor Euser en Henk Thuis bewezen dat hun enorme ervaring onbetaalbaar is, wisten de twee mannen met overmacht de zege in het algemene klassement en de eerste divisie in hun voordeel te beslissen.
De Pumax RT noteerde an het einde van de rit veruit de beste tijden en kon daardoor met grote springen dichterbij komen aan de op dat moment leidende BMW M4 van Ward Sluijs en Bas Schouten. De Belgisch Nederlandse equipe kon echter geen antwoord vinden tegen het geweld van de Pumax en werd als tweede geklasseerd. Vader en zoon Hart behielden hun derde positie en maakten daarmee het podium vol.

In divisie twee waren Pim van Riet en Dennis de Borst de mannen die zegevierden en een bijzonder sterke vierde positie in het algemeen klassement veilig stelden. Febo Racing werd voor het algemeen klassement enigszins geholpen door het wegvallen van de Mercedes SLS van Daan Meijer en Danny van Dongen. Febo won hierdoor een positie, wat niets afdeed in hun oppermachtige zege in divisie II.

Op de achtste positie algemeen en tweede achter Febo Racing was het de equipe Kramwinkel en Markert. Als derde werd Tischner, Tischner en Becker afgevlagd. Zij noteerden de tiende positie algemeen.
De Groot en Bleekemolen wonnen de grootste beker in divisie III vóór Severs en Knap die tweede werden en als derde eindigde De Haan en Bessem. In divisie IV was de strijd al beslist in het derde uur. Het laatste uur probeerden diverse rijders nog iets te winnen, maar de top drie lag reeds vast. Westerman en Westerman noteerden de eerste positie, Nipperus en Nathan klasseerden zich als tweede en de derde positie werd ingenomen door De Beus en Vleming.
